Een hele fijne vakantie

Je hoort het vaak. ‘Een hele fijne vakantie’ of ‘een hele fijne dag’. Ik ergerde me daar al een tijdje aan en als je erop let hoor je het steeds vaker. Ik weet, er zijn belangrijker zaken in de wereld, maar toch dacht ik, laat ik er eens een blog over schrijven.

‘Hele’ is in bovenstaande teksten een bijwoord, dat iets zegt over het bijvoeglijke naamwoord ‘fijn’. Ik wens je niet zomaar een fijne vakantie maar een heel fijne vakantie. Omdat bijwoorden niet vervoegd worden moet er ‘heel’ staan en niet ‘hele’. Dacht ik. Want als er ‘hele’ staat lijkt het alsof het een bijvoeglijk naamwoord is. Dan zeg je eigenlijk ‘Ik wens je niet een halve fijne vakantie maar een hele’. Vergelijk het maar met het bijwoord ‘erg’. ‘Ik wens je een erge gezellige vakantie’. Dat klinkt vreemd toch? Maar toch zegt iedereen, tot aan de journaallezers toe: ‘een hele fijne dag’ of  ‘ik wens je hele fijne paasdagen’ etc.

Maar wat schetst mijn verbazing toen ik de site van Onze Taal bekeek. ‘Heel’ of ‘hele’ mag in dit soort zinnen allebei. In formele teksten en beleidsstukken zul je het niet vaak tegenkomen. Daar lees je eerder ‘een heel belangrijke investering’ in plaats van ‘een hele belangrijke investering’. Maar in spreektaal en kennelijk vooral als je iemand iets toewenst, mag je ‘hele’ gebruiken. Waarschijnlijk omdat het niet tegen te houden is. En dat komt omdat de verbogen vorm ‘hele’ hartelijker en minder afstandelijk overkomt. Als iemand zegt een ‘hele fijne dag’ zit daar meer gevoel in dan als hij zegt ‘een heel fijne dag’.

De taal gaat met zijn tijd mee. Ikzelf dus kennelijk wat minder. Ik heb er wat van geleerd. Misschien jullie ook.

 

One Reply to “Een hele fijne vakantie”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*