Bijwoord of bijvoeglijk naamwoord?

Ik ben net terug van een korte fietsvakantie door Nederland. Heerlijk was het. Op mijn werk wensten mijn collega’s me voor vertrek ‘een hele fijne vakantie’. Het gebruik van het bijvoeglijk naamwoord ‘hele’ waar je het bijwoord ‘heel’ zou verwachten was mij al eerder opgevallen. Ik ergerde me daar al een tijdje aan en als je erop let hoor je het steeds vaker. Ik weet dat er belangrijker zaken in de wereld zijn, maar toch.

Het bijwoord ‘hele’ in bovenstaande teksten zegt iets over het bijvoeglijke naamwoord ‘fijn’. Ik wens je niet zomaar een fijne vakantie maar een heel fijne vakantie. Omdat bijwoorden niet vervoegd worden moet er ‘heel’ staan en niet ‘hele’. Dacht ik. Want als er ‘hele’ staat lijkt het alsof het een bijvoeglijk naamwoord is. Dan zeg je eigenlijk ‘Ik wens je niet een halve fijne vakantie maar een hele’. Maar toch zegt iedereen, tot aan de journaallezers toe: ‘een hele fijne dag’ of ‘ik wens je hele fijne pinksterdagen’ etc.

Daarom heb ik de site van Onze Taal gecheckt. ‘Heel’ of ‘hele’ mag in dit soort zinnen allebei. In formele teksten en beleidsstukken lees je eerder ‘een heel belangrijke investering’ in plaats van ‘een hele belangrijke investering’. Maar in spreektaal en kennelijk vooral als je iemand iets toewenst, mag je ‘hele’ gebruiken. Waarschijnlijk omdat het niet tegen te houden is. Dat komt omdat de verbogen vorm ‘hele’ hartelijker en minder afstandelijk overkomt. Als iemand een ‘hele fijne dag’ zegt, geeft dat de ontvanger van deze wens een warmer gevoel dan wanneer de ander ‘een heel fijne dag’ zegt.

De taal gaat met zijn tijd mee. Ikzelf dus kennelijk wat minder. Ik heb er wat van geleerd. Misschien jullie ook. En alvast een hele fijne vakantie!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.